Een klein kaartje, met de grote steden erop en de afstanden ertussen. Dat is wat ik in mijn auto heb liggen wanneer ik bij mij thuis naar de Provence vertrek. Luxemburg, Metz, Nancy, Langres, Dijon, Beaune, Chalon-sur-Saône, Mâcon, Lyon, Valence, Montélimar, en dan … Bollène. De afrit.
Mijn ouders maakten het kaartje ooit, toen er nog geen gps bestond, geen Waze. Alleen landkaarten. Voor mijn broer en mij was het vooral een handige manier om te weten hoe lang we nog moesten rijden, zonder het telkens aan onze ouders te moeten vragen. Eens voorbij Lyon wisten we: we zijn er bijna! Want zoals ze zeggen: eens je de Rhône overgestoken bent, begint het mooie weer en start de vakantie.
Toch was niet alleen dat kaartje ons houvast voor de start van onze vakantie. We keken ook uit altijd uit naar enkele herkenningspunten, die aangaven dat we op weg waren naar de Provence. Zo waren er de soldaatjes: borden van soldaten, die je langs de Autoroute du Soleil zag verschijnen om aan te geven dat je bijna aan een bepaald tankstation kwam. Of de ‘paddenstoeltjes’, met beelden van Kuifje op paddenstoelen die langs de snelweg een halte aangeven. Ook de Soleil de Langres en de Porte du Soleil op de A7 waren duidelijke indicaties dat we op de juiste weg waren.
En dan de afrit. Bollène. Door de péage, om vervolgens langs authentieke dorpen en uitgestrekte wijngaarden de weg verder te zetten naar onze eindbestemming.


Lees ook:
Ontdek verder:
- Waarom de vijg bij Caromb hoort
- Zomerse salade van meloen en feta
- Interview met bestseller schrijfster Carol Drinkwater: “De Provence is geen droom meer, maar ons dagelijks leven.”
Nieuwsbrief
Klik op de link en abonneer je op de gratis nieuwsbrief van e-magazine Hans in the Provence. Dan weet je zeker dat je geen artikel over de Provence meer mist!
Heb je vrienden die het e-magazine Hans in the Provence ook leuk zouden vinden? Stuur dan de link naar ze door! Dat zou heel fijn zijn!




Herkenbaar!